Afgelopen donderdag hield de Britse Stop the War Coalition een grote bijeenkomst over de oorlog in Georgië. John Rees, auteur van het boek Imperialism and Resistance, was een van de sprekers.
zondag 17 augustus 2008
Georgia, Nato and spreading war
Posted by
IS webredactie
om
14:57
Labels:
navo,
Rusland,
VS,
War on terror
zaterdag 9 augustus 2008
Spanningen VS-Rusland achter oorlog Zuid-Ossetië
De Georgische inval in Zuid-Ossetië, waarbij mogelijk 1400 doden vielen, lijkt uit te lopen op een openlijke oorlog tussen Rusland en Georgië. Achter de botsing schuilt de strijd tussen Washington en Moskou over de voormalige sovjet-invloedsfeer.
Door Pepijn Brandon
Berichten over bloedige bombardementen op Zuid-Ossetische steden, die nu nog vooral via de Russische media naar buiten zijn gebracht, tonen in ieder geval dat het Georgische leger de burgerbevolking niet spaart in zijn poging het streven naar zelfstandigheid in de afvallige provincie te onderdrukken. Lyudmila Ostayeva, een 50-jarige vluchteling, vertelde Associated Press: ‘Ik zag lichamen op straat liggen rond verwoeste gebouwen en in auto’s. Het is onmogelijk om ze te tellen. Er is nauwelijks nog een gebouw onbeschadigd.’ Het offensief toont ook hoe hol de westerse lofzangen zijn op de Georgische president Saakasjvili, die via een door de VS gesteunde ‘democratische revolutie’ zijn pro-Russische voorganger verving – en de glamourverhalen hier over zijn Nederlandse vrouw.
Ruslands tegenreactie, waarbij soldaten, tanks en ander materieel Zuid-Ossetië in is gestuurd en Georgische bases gebombardeerd, wordt natuurlijk niet gedreven door een warme liefde voor de Zuid-Ossetische onafhankelijkheidsstrijd. Rusland zelf heeft een lange geschiedenis van nationale onderdrukking, waaronder de wrede overheersing van Georgië onder de tsaar en later onder het stalinisme. In Tsjetsjenië voert Rusland nog altijd een bloedige oorlog tegen de onafhankelijkheidsbeweging. Achter de Russische interventie schuilt angst voor het verlies van zijn invloedssfeer, die vooral in de olierijke Kaspische-zeeregio sterk onder druk staat.
In veel opzichten lijkt de botsing tussen Georgië en Rusland op de oorlog die de NAVO bijna tien jaar geleden lanceerden tegen Servië. Toen grepen de VS de onderdrukking van de Kosovaarse minderheid door Russische bondgenoot Servië aan voor een wekenlange bombardementscampagne. Beelden van wanhopige Kosovaarse vluchtelingen moesten het publiek in het Westen overtuigen van de rechtvaardigheid van militair ingrijpen. In beide gevallen – toen en nu – was de onafhankelijkheidsbeweging een speelbal in een veel groter conflict, dat in feite ging tussen de VS en Rusland.
Maar er zijn ook verschillen. Terwijl de westerse media indertijd de onderdrukking van Kosovo breed uitmaten en militair ingrijpen als enige antwoord naar voren schoven, behandelen ze de Georgische agressie in Zuid-Ossetië slechts als een excuus voor Russische expansiedrift. Ook het feit dat de VS in de afgelopen jaren hun invloed in Georgië sterk hebben uitgebreid, inclusief de plaatsing van militaire bases, wordt eerder gezien als een dam tegen Ruslands machtsstreven dan als een deel van de imperialistische agenda van de VS.
In werkelijkheid worden beide grootmachten natuurlijk gedreven door de wil hun invloedssferen te vergroten of te behouden. Maar hoewel politici en journalisten het ‘Russische gevaar’ afschilderen in termen die soms aan de Koude Oorlog doen denken, zijn het de VS die hun grenspalen inmiddels ver in de voormalige Russische invloedssfeer hebben verzet. Het NAVO-lidmaatschap van een groot aantal landen in het vroegere Oostblok, de bouw van een rakettenschild met lanceerbases in Tsjechië, en de grote militaire steun aan Georgië, zijn allemaal deel van de opbouw naar het huidige conflict. Vorige maand nog bracht Condoleezza Rice een provocatief bezoek aan Georgië, waarbij ze de Amerikaanse steun uitsprak voor een Georgisch lidmaatschap van de NAVO.
Een botsing tussen Georgië en Rusland was op termijn vrijwel onvermijdelijk. Als de bloedige schermutselingen verder uitgroeien tot een daadwerkelijke oorlog, is dit een volgende grote stap in de verscherping van de internationale verhoudingen tussen de grootmachten. En hoewel dit in de komende periode niet zal leiden tot directe militaire confrontaties tussen Rusland en de VS, stemt het feit dat hier een militaire schaakpartij gaande is tussen de twee grootste kernmachten in de wereld niet tot gerustheid.
dinsdag 5 augustus 2008
Solzjenitsyn: Ruslands belangrijkste dissident?
Op 3 augustus stierf de Russische schrijver Aleksander Solzjenitsyn op 89-jarige leeftijd. In de media wordt hij vooral herdacht wegens zijn felle en terechte kritiek op de misdaden van het stalinisme. Zijn Goelag-archipel is een aanklacht tegen het lot dat duizenden Russen moesten ondergaan in de gevangenissen van stalinistisch Rusland.
Door Peyman Jafari
Gelukkig wordt er hier en daar in de media ook gewezen op zijn andere ideeën. Behalve de bekendste dissident uit Rusland, was Solzhenitsyn ook een fervente Russische nationalist die weinig sympathie had voor democratie en minderheden. Hij was, zoals het NRC Handelsblad hem omschreef ´aartsconservatief, overtuigd van een morele superioriteit van het Russische volk, en orthodox-christelijk fundamentalist´. Het feit dat hij in juni 2007 uit handen van de autocraat Poetin een grote staatsprijs kreeg, zegt veel over zijn politieke ontwikkeling sinds hij als dissident in 1974 uit Rusland werd verbannen.
De kritiek op Solzjenitsyn blijft in de media marginaal en concentreert zich op zijn nationalistische politiek. Zijn kritiek op het communisme en status als de belangrijkste dissident van de Sovjet-Unie wordt echter door journalisten, recensenten en politici bezongen.
Dat zegt net zoveel over de politiek van Solzjenitsyn als die van zijn fans.
De moed van Solzjenitsyn om zijn nek uit te steken en te schrijven over de misdaden van het stalinisme staat niet ter discussie. Wat wel ter discussie zou moeten staan is wat zijn kritiek inhield. Volgens Solzjenitsyn was de Februari Revolutie die in 1917 de tsaar ten val bracht democratisch en ´Russisch´, in tegenstelling tot de Oktober Revolutie die het werk zou zijn geweest van de Joden.
Er is voldoende historisch bewijs voor het feit dat na de Februari Revolutie de bevolking in Rusland ontevreden bleef over het voortduren van de Eerste Wereldoorlog, de armoede in de steden en de macht van grootgrondbezitters op het platteland. Om die reden wonnen de bolsjewieken steeds meer steun onder de bevolking met hun leus ´vrede, brood en land´. De democratische raden van arbeiders en soldaten (sovjets) die in heel Rusland waren opgekomen kregen steeds meer steun als alternatief voor de voorlopige regering. ´Alle macht aan de sovjets´, de eis van Lenin en de bolsjewieken, verwoordde de democratische aspiratie van de miljoenen arbeiders en boeren die met hun stakingen en demonstraties de Oktober Revolutie tot stand brachten, waardoor de Russische betrokkenheid bij de Eerste Wereldoorlog werd beëindigd.
Het feit dat veel prominente leiders van de Oktober Revolutie, zoals Leon Trotski, Joods waren, is een reden om de bolsjewieken te prijzen. In die periode vonden veel pogroms plaats waarbij joodse dorpen in brand werden gestoken en Joden werden verwoord. De bolsjewieken keerden zich tegen dit anti-semitisme en kozen in woord en daad voor solidariteit.
De verklaring die Solzjenitsyn gaf voor het stalinisme is uiterst zwak. ´De scheidslijn tussen goed en kwaad loopt niet tussen staten, klassen en partijen, maar door ieder mensenhart,´ schreef hij. Leon Trotski, die in 1928 door Stalin uit Rusland werd verbannen, en zijn latere volgelingen legden de basis voor een serieuze analyse over de ontwikkeling van de Sovjet Unie. Trotski beschreef hoe na 1917 de democratische instituties van de revolutie afbrokkelden doordat veertien landen Rusland aanvielen, de oude aanhang van de tsaar bewapenden en de economie in verval raakte. Deze situatie gaf Stalin en de bureaucratische klasse de ruimte om de macht van de staat te ontdoen van elke controle van onderaf en de Sovjet Unie te veranderen in een staatskapitalistisch land dat met het westen moest concurreren.
Door gebrek aan een serieuze analyse is Solzjenitsyns literatuur zwartgallig en steekt schril af tegenover die van een andere dissident uit de Sovjet Unie – Victor Serge. In 1923 voegde hij zich bij de Linkse Oppositie in de Sovjet Unie, waarvan Trotski een van de leiders was. In 1928 werd hij uit de Communistische Partij gegooid en gevangen gezet en later verbannen. Ondanks al zijn lijden onder Stalin en het feit dat hij honderden van zijn kameraden naar Siberië zag verdwijnen, gaf hij de hoop nooit op.
Zijn romans, zoals Veroverde stad, gaan niet over het kwaad in de mens dat altijd tot ellende zal lijden, maar over menselijke tragedie. Hij schrijft over mensen die met moeilijke omstandigheden moeten worstelen die ze zelf niet hebben gekozen, soms gecorrumpeerd raken, soms de strijd doorzetten en het soms opgeven. Het gaat over mensen die hun doelen niet halen, ondanks hun inzet. Daarin schuilt de tragedie, die in zich ook hoop draagt, de hoop dat het de volgende keer wel lukt.
Victor Serge, Leon Trotski en honderden andere marxisten die de Sovjet Unie bekritiseerden, staan niet bekend als dissidenten, omdat ze iets hadden wat Solzjenitsyn miste – de hoop op en de strijdlust voor een betere toekomst.
Posted by
IS webredactie
om
15:54
|
Labels:
Rusland,
Socialisme
vrijdag 22 februari 2008
Putins paranoia heeft reële basis

Verwijzingen naar een ‘nieuwe Koude Oorlog’ tussen Rusland en het Westen lijken wekelijks meer relevantie te krijgen.
Door Alex Callinicos
De Russische president Vladimir Putin dreigde vorige week om nucleaire raketten op de Oekraine te richten als dat land zich aansluit bij het ‘Missile Defence System’ dat de VS willen bouwen in Centraal- en Oost-Europa. Het Amerikaanse ministerie van Buitenlandse Zaken antwoordde door Putins dreigement af te doen als ‘verwerpelijke retoriek’.
Dit soort dreigementen lijken misschien griezelig, maar ze komen nog niet in de buurt van de oude Koude Oorlog. In 1945 reikte Ruslands militaire en politieke macht van de Elbe tot de Stille Oceaan. Rusland bouwde zijn economie ondanks de verschrikkelijke verwoestingen tijdens de Tweede Wereldoorlog razendsnel opnieuw op. De Russische regering had een groot internationaal prestige dankzij haar rol in het verslaan van Nazi-Duitsland en haar claim de erfgenaam te zijn van de Russische Revolutie van oktober 1917.
Landen die probeerden los te breken van het imperialisme en het kolonialisme kopieerden vaak onderdelen van het ‘sovjetmodel’. Zelfs het aftanse regime van Leonid Brezhnev, de Russische leider in de jaren zeventig, had belangrijke bondgenoten in de hele Derde Wereld. Poetins Rusland is een schaduw van die supermacht. In 2006 was het Nationale Inkomen (BNP) van de VS $13.200 miljard, van China $ 2.670 miljard, Groot Brittannië $ 2.340 miljard – en dat van Rusland slechts $ 990 miljard. De VS en Rusland besteden beide zo’n vier procent van hun BNP aan ‘defentie’, maar het verschil in grootte van hun economieën betekent dat het Pentagon de militaire macht van het Kremlin veruit overvleugelt.
Bovendien is het territorium van Rusland verkleind. Het heeft de buitenste ring van zijn imperium verloren die Josef Stalin in de jaren veertig zo bruut veroverde. De Oekraine, eeuwenlang een belangrijke regio binnen de Russische staat, is nu onafhankelijk.
Putin heeft zijn huidige macht te danken aan zijn succes in het herwinnen van een zekere mate van orde na de chaos die Rusland in de jaren negentig onder Jeltsin heeft doorgemaakt. Hij heeft meedogenloos gebruik gemaakt van de olieboom om een systeem op te bouwen dat de Financial Times omschrijft als ‘autoritair kapitalisme’. De olie- en gasbedrijven in staatshanden vormen het hart van dat systeem.
De Europese Unie is afhankelijk van Russisch aardgas. Dat geeft Putin een soort van invloed. Zijn nucleaire arsenaal heeft hetzelfde effect. Vandaar de woede over wat hij ziet als Amerikaanse pogingen om het uit te schakelen door middel van een raketschild. Putins angst is redelijk. Stephen Cohen, een leidende Amerikaanse historicus van de Sovjet Unie, beargumenteerde anderhalf jaar geleden in The Nation terecht dat de VS een ‘nieuwe Koude Oorlog’ tegen Rusland voeren.
Al in de jaren negentig kwam Clinton terug op een belofte die zijn voorgangers hadden gedaan aan Gorbachov, en breidde de NAVO uit naar de grenzen van Rusland en de Oekraine. De VS stimuleerden de vorming van een blok van vooral Centraal-Aziatische staten – Georgië, de Oekraine, Oezbekistan, Azerbeijan en Moldavië – allemaal Amerikaanse bondgenoten.
George Bush heeft deze politiek van omsingeling voortgezet. Hij heeft gebruik gemaakt van 9-11 om Amerikaanse bases op te richten in Centraal-Azië, en gaf steun aan pro-westerse ‘oranje revoluties’ in Georgië en de Oekraine. Het resultaat is volgens Cohen een ‘door de VS gebouwd omgekeerd ijzeren gordijn en de hermilitarisering van de Amerikaans-Russische betrekkingen’.
Het besluit van de VS en de EU om de Albanese meerderheid in Kosovo aan te moedigen om de onafhankelijkheid van Kosovo uit te roepen, tegen de wil van Rusland in, is een voortzetting van hetzelfde proces. De door Ruslands bemiddeling gesloten vrede na de oorlog over Kosovo van 1999 sloot die optie uit.
Dit rechtvaardigt natuurlijk niet de toenemende inperking van burgerlijke vrijheden die Putins regime oplegt, of het domineren van zwakkere buurstaten. Maar de politiek van wat Cohen omschrijft als ‘de meedogenloze winner-takes-all uitbuiting van Ruslands zwakte na 1991’ door de VS en de EU moest wel leiden tot paranoia en agressie van de kant van de Russische regering. Het lijkt een van Putins ambities om het neoliberale kapitalisme van het Westen ideologisch uit te dagen. Maar in werkelijkheid is Rusland veel te zwak om dat te doen. China is een veel waarschijnlijkere kandidaat voor die rol.
Dit artikel is vertaald uit de Socialist Worker van deze week
woensdag 20 februari 2008
Kosovo’s afscheiding voedt nieuwe Koude Oorlog
Afgelopen zondag heeft Kosovo zich afgescheiden van Servië en eenzijdig haar onafhankelijkheid uitgeroepen. Deze stap zal de etnische conflicten in het gebied verscherpen en is het zoveelste teken van oplopende spanningen tussen de VS en Rusland.
Door Maina van der Zwan
De risico’s die gepaard gaan met het stichten van Kosovo zijn enorm. Nieuwe etnische zuiveringen zijn al op gang gekomen en als het niet tot een oorlog met Servië komt is dat te danken aan oorlogsmoeheid. Feitelijk kan het mini-staatje op geen enkele manier daadwerkelijk onafhankelijk zijn. De werkloosheid ligt boven 50 procent en het straatarme land heeft zelfs geen eigen elektriciteitsnetwerk. Afgelopen weekend moest de EU besluiten om 1800 rechters, politieagenten en douaniers naar Kosovo te sturen, als aanvulling op de 17.000 aanwezige NAVO-militairen.
Het feit dat de VS, Frankrijk en Groot-Britannië er maandag als de kippen bij waren om Kosovo te erkennen geeft al aan dat hier meer op het spel staat dan nationale zelfbeschikking. Sinds het begin van het uiteenvallen van Joegoslavië in 1990 is het gebied een speelbal van geopolitieke strijd tussen de machtsblokken van de VS, de EU en Rusland.
De directe wortels van de Kosovo-kwestie liggen in de NAVO-oorlog van 1999 die gericht was tegen Servië, waaraan ook Nederland actief deelnam. Onder het mom van het stoppen van etnische zuiveringen tegen Albanezen voerde een door de VS geleide coalitie verwoestende bombardementscampagne van 78 dagen vernietigde wegen, fabrieken, bruggen, treinen, de Chineze ambassade en het televisiestation in Belgrado. Honderden burgers kwamen om. Uiteindelijk ging Servië door de knieën en werd Kosovo een protectoraat van de Verenigde Naties. De massagraven van de ‘genocide’ die zou hebben plaatsgevonden in Kosovo zijn nooit ontdekt. Sterker nog, de daadwerkelijke etnische zuiveringen van zowel Albanese als Servische kant waren grotendeels een gevolg van de bombardementscampagne.
Hashim Thaçi, de nieuwe premier van Kosovo, was de beruchte leider van het door de CIA gefinancierde Kosovaarse bevrijdingsleger. Hij heeft een reputatie van het martelen en doden van politieke tegenstanders, en staat centraal in talloze corruptie-schandalen. Bosnië en Kosovo, die beide gerund worden door het Westen, zijn de armste gebieden in Europa. Wapensmokkel, prostitutie, drugs en georganiseerde misdaad vieren hoogtij. Een lokale grap over de VN missie in Kosovo (Unmik) luidt als volgt: ‘Het enige verschil tussen Unmik en georganiseerde misdaad is dat Unmik niet bijzonder goed georganiseerd is.’
Ondanks de humanitaire ramp en het totale politieke fiasco dat de NAVO-oorlog teweeg heeft gebracht staat deze nog steeds te boek als ‘goede oorlog’. Links was toendertijd al verdeeld over de bombardementscampagne en de protesten waren kleinschalig. Velen, waaronder delen van de oude vredesbeweging en GroenLinks, vielen namelijk voor de moralistische retoriek over ‘humanitaire interventies’ en steunden de oorlog. Maar de werkelijke achtergrond van de oorlog was de wil om de invloed van de NAVO in Oost-Europa en het gebied rond de Kaspische Zee ten kosten van Rusland uit te breiden. De toenmalige speciale gezant van de VS Richard Holbrooke verklaarde: ‘De oorlog gaat over de geloofwaardigheid van de NAVO’.
De ‘oorlog tegen terrorisme’ die in 2001 werd gelanceerd overschaduwde de conflicten in de Balkan, maar ligt precies in lijn met dezelfde langetermijnstrategie voor Amerikaanse hegemonie en verschuivende machtsverhoudingen. Waar Servië uitgeschakeld moest worden als obstakel in de NAVO-uitbreiding richting Rusland, moest in Irak een obstakel voor Amerikaanse controle over het olierijke Midden-Oosten worden verwijderd. Beide kregen ‘democratie’ van bovenaf opgelegd en worden tot de dag van vandaag vanuit het Witte Huis bestuurd. De door de VS geregisseerde onafhankelijkheidsverklaring van Kosovo heeft als doel om Rusland verder te isoleren en Europa te verdelen.
We leven in een grillige tijd van crisis en imperialistische oorlogen. In de gebieden waar de belangen van de EU, China, de VS, Rusland en Japan botsen worden etnische spanningen aangejaagd en dreigen burgeroorlogen. Kijk naar Pakistan, Irak, Sudan en Kosovo. Het alternatief van socialisten voor deze ontwikkelingen klinkt in deze ellendige omstandigheden misschien utopisch, maar is de enige weg richting een menselijke toekomst zonder de verschrikkingen die de twintigste eeuw kenmerken. Die weg vereist in de eerste plaats een anti-imperialistische beweging die alle vormen van onderdrukking bestrijdt en vecht voor werkelijke zelfbeschikking op basis van gelijkheid en rechtvaardigheid. Die opdracht gaat op voor links op de Balkan, dat voor de zoveelste keer op de rand van oorlog is gebracht. Maar die opdracht geldt nog harder voor links in Nederland, want hier zitten de trouwste uitvoerders van de agressieve uitbreidingspolitiek van de NAVO.
Posted by
IS webredactie
om
15:12
|
Labels:
Kosovo,
Rusland,
War on terror